Vorst

Als het een paar graden gevroren heeft en de tuin ’s morgens in een rijplaagje gehuld gaat, betekent dat voor sommige planten een witte lijkwade. Zij hebben de vorst niet overleefd.
Temperaturen onder nul kunnen fatale processen in de groene delen van een plant in gang zetten, bijvoorbeeld het slap worden van het blad. Dit gebeurt omdat het water in de cel-tussenruimten bevriest en er zodoende steeds meer water aan de cellen wordt onttrokken, die dan verdrogen. Als de vorst lang aanhoudt, wordt er zoveel water aan de cellen onttrokken, dat het blad dermate verdroogt dat herstel onmogelijk is. Ook als de temperatuur na een periode van vorst erg snel stijgt, kan er onherstelbare schade optreden. Het ijs dooit dan zo snel dat de door de droogte gekrompen celwand het tempo van de uitzetting niet kan bijhouden en barst. Anderzijds kan ook een snelle inval van vorst fataal aflopen voor het blad. Het water in de cellen wordt dan niet eerst geleidelijk aan het blad onttrokken, maar bevriest in de cel zelf. De scherpe punten van de ijskristallen scheuren de celwand stuk.
Er zijn echter planten die koude heel goed kunnen verdragen: deze soorten verdragen de vrieskou doordat in de celvloeistof een grote hoeveelheid suikers –antivries– is opgelost. Deze planten noemen we winterhard, omdat ze niet snel door de vorst beschadigd worden.

Tuintip:
Dek vorstgevoelige planten af met een laagje bladafval; verzwaar dit eventueel met wat afgewaaide boomtakken.

Boerenkool behoort tot de redelijk winterharde planten en kan dus gedurende een groot deel van de winter op het land blijven staan. Een paar graden vorst verbetert de smaak, zo wil een oude volkswijsheid: vorst zorgt ervoor dat planten extra suiker aanmaken en de bittere smaak verdwijnt.

Leverbloempje (Hepatica nobilis) kan wat vorst hebben